Arceren is de naam voor combinaties van lijnen die worden gebruikt om schaduw, diepte of een bepaald effect aan te geven. Arceren wordt eindeloos veel gebruikt in de tekenkunst.


Een veel gebruikte arcering is parallelle arcering: alle streepjes dezelfde kant op. Voor rechtshandige tekenaars gaat dat het makkelijkst van (diagonaal) rechts naar links en voor linkshandige tekenaars juist van (diagonaal) links naar rechts.


Oefening 1: Probeer voor jezelf uit welke richtingen van parallel arceren het makkelijkst gaan. Door langer door te gaan of harder te drukken maak je de arceringen dichter en/of donkerder. Probeer ‘haakjes’ te vermijden.
Oefening 2: Teken het gearceerde hondje van hierboven na, maar dan in spiegelbeeld, dus met zijn staart aan de linkerkant en zijn kop aan de rechterkant.
Arceringen kunnen een heel vlak vullen (links). Arceringen kunnen zelfs uit puntjes bestaan (midden). Arceringen kunnen ook de rondingen van een vorm volgen (rechts).

Oefening 3: Teken nog eens zo’n eindeloze lijn als in hoofdstuk 1. Ik had de mijne nog bewaard. Vul ontstane vlakken/ruimtes met allerlei soorten arceringen en eventueel grijstinten. Probeer lekker te improviseren.
