MEESTERWERK 1: DE PELIKAAN
De 19e-eeuwse Haïtiaanse kunstenaar John James Audubon maakte studies van vogels in hun natuurlijke omgeving. Hij was ook woudloper en scherpschutter en schoot zelfs dieren om ze te kunnen opzetten en bestuderen, zoals deze pelikaan. Toch was Audubon fel tegen jachtpartijen voor de kick! Vanwege zijn geschilderde catalogus van vogels kan hij juist gezien worden als een van de grondleggers van natuurbescherming. Sommige van de door hem geschilderde vogels zijn inmiddels uitgestorven. Tegenwoordig kun je opgezette dieren zoals de door hem geschilderde pelikaan natuurlijk vinden in natuurhistorische musea zoals in Leiden en Rotterdam.

MEESTERWERK 2: De grote vissen eten de kleine
Deze tekening van Pieter Brueghel gaat over het spreekwoord ‘De grote vissen eten de kleine’. Een man in een bootje wijst zijn kind op de reusachtige dode vis. Een visser snijdt met een enorm mes de buik van de vis open. Uit de bek en de maag glibberen talloze kleinere vissen die op hun beurt nog kleinere vissen in hun bek hebben.

De man legt de betekenis uit aan het kind: “Gulzige vissen zijn net als hebzuchtige mensen die arme mensen uitbuiten. Maar gulzigheid leidt nergens toe. Kijk maar naar de grootste vis: hij heeft het meest gegeten van iedereen en hij raakt alles weer kwijt.” De voorstelling verwijst naar de bijbel waarin staat dat het verkeerd is als rijke mensen arme mensen uitbuiten. Er zitten grappige vondsten in de tekening zoals rechts een vis met de benen van een mens. Hij loopt snel weg in de hoop dat niemand de vis uit zijn bek steelt.

In 1557 werd de tekening door Pieter van der Heyden razend knap nagetekend en afgedrukt door middel van een kopergravure. De lijnen zijn eerst heel precies in het metaal gekrast en daarna opgevuld met drukinkt. De afdrukken waren in spiegelbeeld zoals je kunt zien. Gravures waren DE manier om afbeeldingen te verspreiden. Rechts van de man en het kind heeft van der Heyden het het Latijnse woord “Ecce” toegevoegd, wat “Kijk!” betekent.
Extra: misschien vind je het ook leuk om te tekenen hoe grote wezens kleinere wezens opslokken. Ik laat je een paar tekeningen van kinderen van ca. 9 jaar zien over dit onderwerp.



Een tweede voorbeeld is ‘De kraak’, een fabeldier. Het is een octopus die zo groot is dat hij zelfs hele schepen kan aanvallen. Hij komt in spannende verhalen voor zoals ‘20.000 mijlen onder zee’ van Jules Verne, een boek met prachtige gravures. In een van de gravures wordt een man gegrepen door een van de acht armen van de kraak. Hieronder zie je nog meer gravures van de kraak. Doordat de mensen en schepen in verhouding klein zijn getekend wordt de octopus gigantisch, net als de reusachtige kip aan het begin van deze les. Een kraak komt ook voor in de Disney film ‘Pirates of the Caribbean’ uit 2006.




De gravures zijn van Alphonse de Neuville, Pierre Denys de Montfort en Edgar Etherington.
MEESTERWERK 3: De fabel van de egel en de slang (zie hoofdstuk 3)
“Een egel vraagt een slang of hij zijn hol mag gebruiken voor de winter. De fabel beschrijft hoe de stekels van de egel de winterslaap van de slang verstoren. De moraal van het verhaal leert dat je soms voorzichtig moet zijn met liefdadigheid.”
