In dit hoofdstuk laat ik je verschillende manieren zien hoe je een mensfiguur in beweging kunt leren tekenen.

Belangrijk bij het realistisch tekenen van een mensfiguur in beweging zijn de scharnierpunten zoals schouders, knieën en ellebogen. In deze modelfiguur zijn de ledematen los geknipt om die scharnierpunten goed te kunnen zien.

1.Verknipte figuren (speciaal voor de basisschool)
Oefening 1: teken op stevig papier zo’n staande modelfiguur van tenminste 20 cm. lengte. Knip de lichaamsdelen los van elkaar en leg ze op een gekleurd vel papier zo neer dat er een duidelijke actie/beweging te zien is. Plak de knipsels vast en kleur ze.

2.Stokfiguren
Een leuke en snelle manier om allerlei bewegingen te verzinnen is met stokfiguren. Ook hier zijn de scharnierpunten essentieel. In een staande basishouding is de lijn tussen de schouders en die van het bekken horizontaal (links).

Oefening 2: Verzin actieve houdingen met behulp van zwart-wit of gekleurde stokfiguurtjes. Je kunt ze van alles laten doen. Als één been voor het andere been langsgaat (linkerfiguur hieronder) teken je dat been wat duidelijker.

De ruggengraat kan ook gebogen zijn. Met een streepje geef je heel eenvoudig de blikrichting van het hoofd aan.


Als je eenmaal wat stokfiguren hebt getekend, is het vrij eenvoudig om ze een lichaam te geven.

Oefening 3: Geef een of meer van jouw stokfiguren een lichaam.
3.Vlekfiguren
Oefening 4: Teken ‘vlekfiguren’ met zachte (kleur)potloden. Vlekfiguren teken je zonder lijnen! Houd steeds de opbouw van het lichaam in de gaten. Deze oefening leent zich ook goed voor penseel met inkt of waterverf.

EXTRA: Je hebt nu verschillende manieren gezien om mensfiguren in beweging (na) te tekenen. Probeer een van die manieren te gebruiken om de dansers op de foto’s na te tekenen. Gebruik hulplijnen waar nodig voor richtingen.

